CROW 96b in de praktijk: waar de richtlijn ophoudt en het vakmanschap begint
Raymon Somford over principes en standaardmaatregelen in CROW 96b, waar de richtlijn ruimte laat en waar die ruimte juist niet bestaat.
Een richtlijn die bewust niet alles voorschrijft
Wie CROW 96b behandelt als een boek met tekeningen om over te nemen, mist hoe de richtlijn sinds 2020 is opgebouwd. De reeks voor werk in uitvoering maakt een bewust onderscheid tussen twee niveaus: het principe en de standaardmaatregel. Dat onderscheid bepaalt waar de richtlijn ophoudt en waar het oordeel van de ontwerper, de wegbeheerder en de uitvoerder begint.
Dit artikel legt uit hoe die twee niveaus werken, waar de richtlijn bewust ruimte laat, en op welke punten die ruimte juist niet bestaat. Raymon Somford werkt aan het digitaliseren van het TVM-proces van intake tot as-built; juist bij het vastleggen van keuzes in een systeem wordt zichtbaar welke beslissingen de richtlijn neemt en welke bij de vakman blijven.
Principe en standaardmaatregel: twee verschillende dingen
CROW definieert een principe als "een maatregel die als regel wordt aangenomen en wordt beschreven op functioneel niveau". Het principe geeft alleen aan hoe een maatregel is opgebouwd, en gaat niet in op bijvoorbeeld de afstanden tot de feitelijke werkplek. Voor werk in uitvoering bestaat een principe uit de inleidende ruimte, de nulpuntinrichting, de langsafzetting en het eindpunt (CROW Kennisbank).
Een standaardmaatregel is volgens dezelfde bron "een geijkte (lees: onderzochte, getoetste en goed bevonden) maatregel" waarover een groep partijen heeft afgesproken dat ze hem zullen gebruiken. Daarin staat wel de standaardmaatvoering: de uitwerking van het principe op een veelvoorkomende situatie, met de concrete plaats van de onderdelen. Belangrijk is de toevoeging dat een standaardmaatregel altijd wordt gevolgd door, of de basis vormt voor, een concrete uitwerking die is afgestemd op de locatie (CROW Kennisbank).
De principes staan in de kernpublicaties; de standaardmaatregelen worden online en in de handboeken aangeboden. Het handboek Standaardmaatregelen op niet-autosnelwegen is "letterlijk bedoeld als handboek: als boek om bij de hand te hebben tijdens de uitvoering", maar vermeldt er nadrukkelijk bij dat voor de principes en achtergronden de overige delen van de reeks nodig zijn (CROW Kennisbank).
In de praktijk betekent dat: een figuur uit het handboek is een vertrekpunt, geen eindproduct.
Waarom de richtlijn zelf zegt dat de standaard niet altijd volstaat
CROW is daar opvallend expliciet over. De praktijk leert dat "ook bij ogenschijnlijk eenvoudige werkzaamheden als gevolg van locatiespecifieke weg- en verkeerskenmerken de standaardmaatregel niet altijd volstaat". Het zomaar voorschrijven of toepassen van een standaardmaatregel die niet is afgestemd op de weg, het verkeer en het werk kan leiden tot problemen in de verkeersafwikkeling, en in het ergste geval tot inleveren op de veiligheid van weggebruiker en wegwerker (CROW Kennisbank).
Typische situaties waarin de standaard wringt, zijn bekend uit de uitvoering: een werkvak vlak na een bocht of kruispunt waardoor de aankondiging niet past, een busbaan of vrijliggend fietspad dat de standaardfiguur niet kent, een uitrit van een bedrijf of hulpdienst binnen het werkvak, of een smal profiel waarin de vereiste breedtes niet allemaal tegelijk haalbaar zijn. In al die gevallen is de standaardmaatregel niet fout, maar onvolledig.
Wie bepaalt wat: de verdeling die de richtlijn beoogt
Bij de herziening zijn uitgangspunten geformuleerd die de rolverdeling vastleggen. Wegbeheerders en opdrachtgevers moeten kunnen sturen op de maatregel die op straat komt, "zonder dat ze de opdrachtnemer een standaardmaatregel voorschrijven". Opdrachtnemers moeten zelf met voorstellen kunnen komen voor locatiespecifieke maatregelen, en dat geldt ook bij minder omvangrijke werkzaamheden, zolang de voorstellen voldoen aan de vijf topeisen: veiligheid weggebruiker, veiligheid wegwerker, doorstroming, informatie en lifecycle (CROW Kennisbank).
De beoogde werkwijze is dus: de wegbeheerder schrijft een principe voor, de opdrachtnemer werkt dat uit naar de feitelijke maatregel, met de standaardmaatregel als hulpmiddel of met een eigen uitwerking die aan de randvoorwaarden voldoet. Organisaties mogen daarnaast eigen aanvullingen en handboeken ontwikkelen die zijn afgestemd op hun werk of beheergebied (CROW Kennisbank).
Dat is precies de ruimte voor vakmanschap. Een wegbeheerder die standaardfiguren in een bestek opneemt, neemt die ruimte weg en wordt daarmee medeontwerper van een maatregel die hij niet op de locatie heeft getoetst.
Waar de ruimte ophoudt
Ruimte voor maatwerk betekent niet dat alles onderhandelbaar is. Op sommige punten is de richtlijn absoluut.
De vrije ruimte is daarvan het duidelijkste voorbeeld. Bij een open langsafzetting met bakens of kegels bestaat het risico dat een wegwerker per ongeluk tussen het verkeer stapt. Daarom is bij een open scheiding altijd een vrije ruimte nodig van minimaal 0,60 meter breed, behalve op voetpaden. CROW voegt daar een zin aan toe die weinig ruimte voor interpretatie laat: "Er kan geen enkel excuus worden aangevoerd voor het niet toepassen van de vrije ruimte. Desnoods moet een andere afzetting worden gekozen of zelfs een volledig wegvak worden afgesloten en het verkeer worden omgeleid" (CROW Kennisbank).
Ook de veiligheidsruimte is geen opvulruimte. Het is het gebied binnen het werkvak voor, naast en voorbij de werkruimte waar geen wegwerkers, materiaal of materieel mogen staan, met uitzondering van werkverkeer en wie de afzetting plaatst of onderhoudt (CROW Kennisbank). In de praktijk is dat de plek waar de pallet met tegels of de minigraver "even" wordt neergezet. Dat is geen maatwerk, maar een afwijking.
Het onderscheid is dus helder: maatwerk gaat over de vorm waarin de topeisen worden gehaald, niet over het laten vallen van een topeis.
De keuzeboom verkeersregelaars: een afweging, geen vrijbrief
De inzet van verkeersregelaars laat goed zien hoe de richtlijn denkt. Voor niet-autosnelwegen geeft 96b een keuzeboom die van toepassing is op voet- en fietspaden, erftoegangswegen, gebiedsontsluitingswegen en regionale stroomwegen. Het eerste deel bepaalt of kan worden volstaan met een maatregel zonder verkeersregelaars; het tweede deel gaat over de aanrijdrisico's voor de verkeersregelaars zelf (CROW Kennisbank).
De keuzeboom begint altijd met de vraag of een standaardmaatregel mogelijk is, en of het verkeer zonder of met tijdelijke verkeerslichten kan worden afgewikkeld. In die stap hoort ook de vraag of het verkeer geheel of in één richting kan worden omgeleid; afsluiten en omleiden biedt volgens CROW de meeste veiligheid voor de wegwerkers. Opvallend is dat het schema alleen concludeert of de inzet van verkeersregelaars is toegestaan, niet dat ze moeten worden ingezet. En voor elke situatie waarin verkeersregelaars worden overwogen, moet het afwegingsproces in de RI&E worden opgenomen en de gekozen maatregel worden onderbouwd (CROW Kennisbank).
Dat is vakmanschap in de vorm die de richtlijn bedoelt: een afweging die je kunt laten zien.
Vakmanschap moet herleidbaar zijn
Hier zit het praktische risico van maatwerk. Wie afwijkt van een standaardfiguur zonder dat vast te leggen, staat bij een incident met lege handen. Ook marktpartijen wijzen erop dat bij incidenten de aansprakelijkheid vrijwel altijd wordt beoordeeld aan de hand van de geldende normen, en dat een verkeersplan vóór de start getoetst moet zijn aan 96a of 96b (Binck Verkeer).
Daarom drie werkafspraken die maatwerk verdedigbaar maken.
Leg het principe vast voordat je de maatregel uitwerkt. Welke principekeuze is gemaakt, en waarom past de standaardmaatregel hier niet volledig? Dat is één alinea in het verkeersplan, en het is de alinea die er later toe doet.
Benoem per afwijking welke topeis daarmee wordt geborgd. Een langere aankondiging omdat het zicht beperkt is, een fysieke afscheiding omdat de vrije ruimte anders niet past: elke afwijking hoort aan een topeis te hangen.
En leg vast wat er werkelijk heeft gestaan. Een as-built met foto, tijdstip en locatie toont aan dat het uitgewerkte maatwerk ook is uitgevoerd, en niet alleen bedacht.
Dat is ook waar digitale ondersteuning hier waarde heeft. Niet om de afweging over te nemen, maar om haar zo vast te leggen dat ze achteraf nog te volgen is.
Een richtlijn in beweging
Tot slot: de reeks staat onder herziening. Vijf werkgroepen werken onder meer aan rijdende en niet-rijdende afzettingen, voertuigkerende barrières, de eisen aan opbouw- en aankondigingstijd en richtlijnen voor de inzet van verkeersregelaars, omdat de huidige richtlijnen niet meer volledig aansluiten op de praktijk (Wegalert). Wie nu eigen handboeken of sjablonen opstelt, doet er verstandig aan ze zo in te richten dat principekeuze en onderbouwing los staan van de figuren. Dan blijft het werk overeind als de figuren veranderen.
Over de auteur. Raymon Somford werkt in de infra en civiele techniek in de Randstad. Hij is founder van het datagedreven softwarebedrijf InfraBIDS. Lees het zakelijke profiel of neem contact op.
LiDAR Magazine, GPS World, Geospatial World, GIM International, Automation (DE) — volledig persoverzicht.